Beleggingsaanbieders zouden de geschiktheidstoets nog eens goed tegen het licht moeten houden, concludeert de AFM na onderzoek.  

De belangrijkste uitkomsten van het onderzoek zijn: 

  • Er is niet altijd een navolgbare koppeling is tussen alle relevante, specifiek ingewonnen klantinformatie in de geschiktheidstoets en de aanbevolen of beheerde beleggingen. 
  • De AFM zet vraagtekens bij het realiteitsgehalte van soms erg hoge verwachte rendementen op defensieve en neutrale (model)portefeuilles. Mede hierdoor is de AFM dit jaar onderzoek begonnen naar het beleggingsbeleid van beleggingsondernemingen. Hierbij ligt de focus op de berekening van het verwachte rendement en het gebruik van risicomaatstaven voor de samenstelling van portefeuilles. 
  • Ondernemingen hebben ten slotte in hun geschiktheidsverklaring geen of onvoldoende koppeling gemaakt met de kenmerken van de klant. Hierdoor wordt de geschiktheidsverklaring te algemeen van aard en is hij van weinig toegevoegde waarde voor de klant. 

De AFM ziet dat er ook veel goed gaat, stelt zij geruststellend op haar website. Geënquêteerde ondernemingen zijn op de hoogte van de regelgeving en hebben aan de hand van de onderzoeksresultaten verbeteringen doorgevoerd. 

Wie niet de toorn van de toezichthouder over zich af wil roepen, leze de Leidraad advies- en vermogensdienstverlening