De AFM heeft onlangs een boete van € 2 miljoen opgelegd aan Robeco wegens gebrekkige naleving van de Wwft. Naar het oordeel van de AFM heeft Robeco haar kernverplichtingen als poortwachter onvoldoende nageleefd. Volgens Daira Cervera Garcia, advocaat bij Hart Advocaten, zijn hieruit lessen te trekken voor iedereen in de financiële wereld.

Om te beginnen heeft Robeco volgens de AFM onvoldoende goed klantonderzoek gedaan, schrijft Cervera Garcia: “De werkwijze om cliënten bij aanvang van de relatie gestandaardiseerd in te delen in de risicoclassificatie ‘normaal’ is in de ogen van de AFM niet afdoende. De AFM wenst dat bij aanvang een volledige beoordeling wordt gedaan zodat zich niet het risico kan voordoen dat naderhand blijkt dat een cliënt een verhoogd of zelfs een onacceptabel risico vormt.”

Verder was de AFM van oordeel dat Robeco haar transactiemonitoring niet op de orde had. De belangrijkste reden voor de AFM om tot dit oordeel te komen is het feit dat Robeco geen verwacht transactiepatroon had opgesteld. In plaats daarvan pasten de beleggingsinstellingen vijf algemene business rules toe. Deze business rules zijn volgens de AFM niet toereikend omdat geen onderscheid wordt gemaakt naar type cliënt.

In een artikel op Investment Officer geeft Cervera Garcia een overzicht van de lessen die beleggingsprofessionals uit deze uitspraak kunnen leren. Al was het maar omdat van financiële ondernemingen wordt verwacht dat zij kennisnemen van boetebesluiten en dus ook bekend zijn met de daarin opgenomen opvattingen van de AFM.