Een plaats onder de zon: Het beleggingsargument voor zonne-energie  

Nu de revolutie van de hernieuwbare energie dit decennium een belangrijk keerpunt bereikt, zijn er twee potentiële katalysatoren die meer dan ooit pleiten voor investeringen in zonne-energie: de verbintenis van veel landen om een toekomst van schone energie te bevorderen en de aanzienlijke daling van de kosten van hernieuwbare energie. Samen kunnen deze factoren leiden tot een groter gebruik van zonne-energie en andere schone energiebronnen.  Lees de visie van HANetf 

 

Wat het beleid betreft, hebben de regeringen van meer dan 100 landen zich ertoe verbonden om tegen 2050 een koolstofuitstoot van nul te bereiken omwille van de beperking van de klimaatverandering en economische overwegingen.1 Betaalbare en schone energietechnologieën zullen volgens het Internationaal Energieagentschap (IEA) op lange termijn aanzienlijke voordelen opleveren voor de wereld. Deze voordelen zijn onder meer een grotere energiezekerheid tussen landen doordat zij kunnen vertrouwen op een inheemse, onuitputtelijke en grotendeels invoeronafhankelijke hulpbron, meer duurzaamheid, minder vervuiling, alsook lagere kosten om de opwarming van de aarde tegen te gaan en de prijzen van fossiele brandstoffen lager te houden. 

Nu landen overschakelen op schone energie in een poging om hun doelstellingen voor koolstofemissies van nul te halen, zal er tussen 2020 en 2050 naar verwachting wereldwijd meer dan 15 biljoen dollar worden geïnvesteerd in nieuwe energiecapaciteit (gemiddeld 486 miljard dollar per jaar). Zonne-energie zal naar verwachting 28% van alle investeringen in hernieuwbare energie wereldwijd voor haar rekening nemen, wat betekent dat er meer dan 4 biljoen dollar (gemiddeld 135 miljard dollar per jaar) in deze energiebron zal worden geïnvesteerd.   

Verwacht wordt dat veel landen prioriteit zullen geven aan de omschakeling of vervanging van met vuile energie aangedreven nutsvoorzieningen door schone energiealternatieven. De Amerikaanse president Joe Biden heeft zich bijvoorbeeld ten doel gesteld de uitstoot van elektrische nutsbedrijven tegen 2035 tot nul terug te brengen en tegen 2050 een netto-uitstoot van broeikasgassen te bereiken. 

Ongeveer 50% van alle koolstofemissies in de VS is afkomstig van nutsbedrijven [zie onderstaande grafiek], terwijl de rest afkomstig is van sectoren zoals vervoer en industrieën waar technologieën mogelijk langzamer evolueren van vuile energie naar schone energie (bv. luchtvaartmaatschappijen moeten nog steeds vliegen op vliegtuigbrandstof, niet op technologie voor elektrische voertuigen).  

Wat de kosten betreft, is het belangrijk op te merken dat conventionele energie uit fossiele brandstoffen (d.w.z. steenkool, aardolie en aardgas) de mondiale elektriciteitsvoorziening heeft gedomineerd omdat elektriciteit uit fossiele brandstoffen, met name steenkool, tot voor kort veel goedkoper was dan elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen (d.w.z. zon, wind, regen en aardwarmte). Dit is de afgelopen tien jaar drastisch veranderd. Op de meeste plaatsen in de wereld is stroom uit nieuwe hernieuwbare energiebronnen nu goedkoper dan stroom uit nieuwe fossiele brandstoffen.  

Zonne-energie is nu zelfs de goedkoopste nieuwe bron van elektriciteit in de meeste ontwikkelde landen. Nu zonne-energie goedkoper is dan fossiele brandstoffen, kan dit een belangrijke stimulans zijn voor een snelle invoering op grote schaal. 

In de Verenigde Staten is er een aanhoudende trend van conventionele naar hernieuwbare energie. De Amerikaanse Energy Information Administration (EIA) voorspelt dat het aandeel van hernieuwbare energiebronnen in de elektriciteitsproductiemix van de VS zal stijgen van 21% in 2020 tot 42% in 2050. Wind- en zonne-energie zijn verantwoordelijk voor het grootste deel van die groei. Het aandeel van hernieuwbare energiebronnen zal naar verwachting toenemen naarmate de opwekking van kernenergie en steenkool afneemt en het aandeel van met aardgas gestookte energie relatief constant blijft.  

Vanuit een bottom-up perspectief heeft de groeiende wereldwijde vraag naar duurzame groene energieoplossingen investeringskansen gecreëerd voor bedrijven in de toeleveringsketen van zonne-energie, wat betekent dat de overgang naar schone energie wordt gezien als een positieve netto-werkgelegenheid.  

Op dit punt is het beleggingsargument voor zonne-energie, zoals voor veel ESG-gerelateerde thema’s, verder gegaan dan puur altruïsme.   

Het is een uit noodzaak geboren innovatie, met een krachtige mix van sociaaleconomische behoeften gesteund door een verschuiving in het wereldwijde overheidsbeleid die zonne-energie in het mainstream-bewustzijn heeft gebracht.   

Het is al eerder gezegd: “Groen is de nieuwe groei” en gezien de cruciale verschuiving naar hernieuwbare energie en de voortdurende ontwikkeling van de technologie om die te ondersteunen, kan zonne-energie een geschikt instapmoment zijn voor beleggers die op zoek zijn naar hun dag in de zon.