Het Nibud maakt zich grote zorgen over de nieuwe mogelijkheid om bij de start van het pensioen een groot geldbedrag ineens op te nemen. De regeling zou over negen maanden, per 1 januari 2023, moeten ingaan. Dan mogen pensioendeelnemers eenmalig maximaal 10 procent van hun pensioenpot of lijfrente als ‘bedrag ineens’ opnemen. 

Uit berekeningen van het Nibud blijkt dat de regeling financieel gezien nadelig kan uitpakken, zeker als het geldbedrag vóór de AOW-leeftijd wordt uitbetaald. “Mensen die bijvoorbeeld noodgedwongen eerder moeten stoppen met werken en zo’n groot geldbedrag ineens uit hun pensioen willen opnemen omdat ze anders niet rond kunnen komen, krijgen minder waar voor hun geld,” zegt Nibud-directeur Arjan Vliegenthart. “Het kan al snel 20 procent schelen, dat is enorm. Je bent in feite dief van eigen portemonnee als je dat doet, maar velen hebben het geld hard nodig en zullen toch die keuze maken. Zij krijgen dus aanmerkelijk minder dan mensen die die noodzaak niet hebben. Wij vinden daarom dat de regeling fiscaal neutraal gemaakt moet worden.” 

Het Nibud vindt het bovendien onbegrijpelijk dat negen maanden voor de ingangsdatum de regeling nog niet helemaal per wet is geregeld. Meer dan 100.000 mensen weten hierdoor niet waar ze aan toe zijn. 

Het Nibud-rapport ‘Bedrag ineens: een goed idee?’ is hier te downloaden. De belangrijkste conclusies zijn: 

  • Er is substantiële interesse in de opname van het bedrag ineens, maar ook nog veel onbekendheid. Zelfs van de mensen die binnen 10 jaar met pensioen gaan, kent een meerderheid deze nieuwe keuzemogelijkheid niet.  
  • Bij de opname van het bedrag ineens vóór de AOW-datum zijn vooral lagere en middeninkomens financieel slechter af. Dit komt voornamelijk door de nadelige effecten op (en het verlies van) toeslagen, waarbij het onzeker is of er na ingang van het pensioen (alsnog) recht is op toeslagen. 
  • Er is een grote behoefte aan begeleiding bij de keuze voor opname van het bedrag ineens op pensioendatum onder alle inkomensgroepen. Bijna de helft noemt een financieel adviseur als partij van wie men begeleiding wenst, terwijl pensioenuitvoerders populair zijn bij mensen met pensioen in zicht.