4
Oct

Welke bedrijven profiteren van ‘Industry 4.0’?

Industriële automatisering gaat een nieuwe fase in. Met behulp van sensortechnologie en algoritmen gaat vooral de productiviteit van de procesindustrie omhoog. Voor chemie-, olie- en nutsbedrijven betekent minder onderbrekingen: minder onderhoud en meer winst. Wie zijn de winnaars vanmorgen? Denise Molina, aandelenanalist bij Morningstar Benelux,  laat aan de hand van het rapport ‘Moats in Industry 4.0’ zien welke bedrijven het meest profiteren van deze nieuwe ontwikkelingen. Het Morningstar-rapport is hier te downloaden.

Takeaways

  • Sensortechnologie en algoritmen zorgen voor voorspelbaarheid van industriëleprocessen
  • Kennis van de processen bij de klant is essentieel
  • Het Morningstar-rapport ‘Industry 4.0’ laat zien: bedrijven als ABB en Schneider Electric zijn beter gepositioneerd dan andere

Industry 4.0 draait om een nieuwe fase in softwareontwikkeling, aldus Denise Molina. “Met behulp van algoritmen zijn geautomatiseerde processen goed te voorspellen; iets wat 10 jaar geleden nog  onmogelijk was. Maar omgoede algoritmen te kunnen schrijven moet je wel de details van de procesautomatisering goed kennen. Je zou denken dat deze expertise thuishoort bij de grote softwarespelers, maar daarvoor is kennis nodig van de processen bij de klant. Die kennis ligt bij de ingenieurs; zij kennen de machines en kunnen de software schrijven.” Kijkend vanuit het perspectief van beleggers stelt zij dat toeleveranciers zoals ABB en Schneider Electric goed gepositioneerd zijn om hierop in te spelen en bedrijven in de olie-, chemie- en nutssector te bedienen.

Wat is uw definitie van ‘Industry 4.0’?

Denise Molina: “De vierde fase die nu aanbreekt, draait om software, om big data-analyse, om digitaal produceren en cloud computing. Deze stap volgt op drie eerdere fasen waarin grote stappen zijn gezet in het verbeteren van industriële productie. De eerste was de industriële revolutie waarin de stoommachine werd uitgevonden, gevolgd door de tweede fase van massaproductie, de introductie van de lopende band en de brede invoering van elektriciteit. De derde fase van grofweg 1970 tot 2010 is de fase van de automatisering. Nu bevinden we ons in de vierde fase, met snelle computers, krachtige sensoren en ‘voorspellende’ algoritmen.”

 

Verschillende functies van software

Volgens het Morningstar-rapport vervult moderne software verschillende functies. De eerste is het signaleren van preventief onderhoud. “Sensoren meten de status van een machine en geven aan wanneer het tijd is voor onderhoud. De tweede functie is simulatie. Voordat een proces fysiek wordt geïmplementeerd, wordt dit gesimuleerd met een softwaremodel. Eventuele kinderziektes of mankementen komen daarbij snel aan het licht.” De derde functie is 3D-visualisatie van een proces waarbij sensoren alle elementen in de juiste onderlinge verhoudingen en afmetingen laten zien. Is er iets aan de hand, dan wordt dit snel gesignaleerd.”

 

Uitdagingen bij Industry 4.0

Denise Molina stelt dat we ons in een vroeg stadium van Industry 4.0 bevinden. “De digitalisering zit nog in een vroege fase en de acceptatie van nieuwe technologie gaat nu eenmaal langzamer bij klassiek georganiseerde bedrijven zoals industrials, chemicals en nutsbedrijven. Deze industrietakken zijn nu eenmaal wat conservatiever. Generieke softwareapplicaties presteren bovendien minder goed door het ontbreken van praktische engineeringkennis bij de klant. De ‘if it ain’t broke, don’t fix it’-mentaliteit betekent dat legacysystemen de voorkeur krijgen boven  nieuwe systemen. Daarentegen zijn er ook spelers die wel de voordelen van Industry 4.0 zien.”

 

Angst voor de cloud

Ingenieurs en IT-afdelingen blijken nogal eens van mening te verschillen over wat optimale software is. Daarnaast worden nieuwe applicaties vaak eerst geïmplementeerd als pilot wat de snelheid van acceptatie niet bevordert. Aarzeling om data over te brengen naar de cloud is er ook, blijkt uit het rapport. Denise Molina: ‘We noemen het ‘Some See the Cloud as a Frenemy’. Men ziet de kansen die cloudsoftware biedt maar men is tegelijkertijd ook huiverig voor hackers en voor de vertrouwelijkheid van hun data. Die angst zorgt voor vertraging van de acceptatie van Industry 4.0.”

 

Kennis van processen essentieel

Conclusie: de winnaars van morgen zijn de spelers met de meest grondige kennis van de geautomatiseerde industriële processen bij de klant. Dat betekent dat niet de bekende bigtechs of softwarereuzen hier een voortrekkersrol spelen, maar bedrijven zoals ABB en Schneider Electric. Denise Molina: “Zij hebben zoveel kennis van wat er zich bij hun klanten afspeelt dat zij software kunnen bouwen die perfect is toegesneden op de processen van die klant.Voor traditionele softwarespelers is het veel moeilijker om die kennis van hun klanten te vergaren. Dat maakt de drempel om in te stappen in deze business hoog en dat biedt kansen voor spelers die hier goed op in kunnen spelen.”

 

Voor meer informatie

Morningstar is de bron voor uitgebreide, objectieve en onafhankelijke informatie over beleggingsfondsen. Meer informatie over Morningstar vindt u op www.morningstar.nl.

 

Rapport beveelt ABB en Schneider Electric aan

Volgens het Morningstar-rapport zijn ABB en Schneider Electric twee interessante bedrijven. Beide krijgen een ‘wide moat’-rating aangezien zij veel kennis hebben van de processen bij hun klanten.Download het Engelstalige rapport ‘Moats in Industry 4.0 ’hier.

 

 

CV Denise Molina

Denise Molina, CFA, is Amerikaanse en werkt sinds 2016 als aandelenanalist bij Morningstar Benelux met als specialisatie ‘industrie’. Eerder werkte zij als beleggingsanalist bij Juno Investment Partners. Daarvoor was zij onder meer zeven jaar lang werkzaam als sell-side analist bij Goldman Sachs met als specialisatie telecom in de VS en Europa. Denise behaalde haar BA aan Williams College, Massachusetts in de Verenigde Staten en is sinds 2014 Chartered Financial Analyst (CFA).