6
Jun

Q&A met Jeroen Brenninkmeijer, keynote Fund Seminar Services, 21 juni

In gesprek met directeur Jeroen Brenninkmeijer van Bruyn Brenninkmeijer. Thema: De (on)zekere toekomst voor de zelfstandige vermogensbeheerder. “Laat je je leiden door de omstandigheden of neem je zelf het voortouw?”

Hoe (on)zeker is de toekomst voor beleggingsondernemingen?

“De consolidatiegolf is onvermijdelijk, maar dat is niet voor iedereen op hetzelfde moment actueel. Dat heeft te maken met timing en met het maken van keuzes. We willen niet de sfeer creëren dat je nu moet fuseren want anders mis je de boot. Er zijn voldoende goede beleggingsondernemingen die nog in de kracht van hun ontwikkeling staan en waarvoor, zoals het landschap er nu uitziet, nog een uitstekende plaats in de toekomst is. Maar onze inschatting is dat over een jaar of vijf beleggingsondernemingen door diverse ontwikkelingen ongeveer 400 tot 500 miljoen assets under management zullen moeten hebben als zij levensvatbaar willen blijven voor de lange termijn.”

Wat zijn overwegingen om te gaan praten met een andere partij?

“De belangrijkste reden is dat je continuïteit wilt bieden voor je klanten. Dus als je geen bedrijfsopvolging hebt of je mogelijke opvolgers zijn niet in staat om de aandelen tegen een redelijke prijs over te nemen, dan zal je aansluiting moeten vinden bij partijen die dat wel willen en kunnen overnemen. Deze continuïteit kan worden getriggerd door leeftijd, door de toename van regelgeving, wat kostenverhogend werkt, zoals door de inkoop van research. Zo’n extra investering is een onzekerheid van je inkomsten, maar misschien verdwijnt ook wel de lol naar de achtergrond doordat je niet langer bezig bent met het beleggen voor je klanten, maar om de administratieve organisatie op poten te houden. Daarnaast is het verkopen van de beleggingsonderneming voor veel mensen eigenlijk het pensioen, of een aanvulling daarop.”

Stel dat je een kleine vermogensbeheerder bent, welke vragen zou je jezelf dan moeten stellen?

“De belangrijkste vraag is: wat wil je zelf? Als je tevreden bent met hoe het gaat en je hebt de zaken goed op orde, dan is een overname niet noodzakelijk en eerder een oplossing voor een probleem dat niet bestaat. Als je een kleine vermogensbeheerder bent dan worden er geen hele wilde bedragen betaald voor je onderneming. Welk probleem los je dan op als je anderhalf keer de assets under management betaald zou krijgen als je daarnaast nog door kan gaan? Dan heb je gewoon een stukje pensioen, maar uiteindelijk niet genoeg om van te leven, want het zijn maar inkomsten voor een jaar of 2. Als je daarnaast nog 3 tot 5 jaar kan werken dan geeft dat je in ieder geval de kans om nog wat van je inkomsten als werknemer opzij te zetten. Als je op het punt staat om investeringen zelf te doen en dat je nog maar 7 jaar te gaan hebt, dan moet je je ook serieus afvragen of je die investeringen zelf gaat doen, of dat je je wilt aansluiten om kosten te besparen en de handen vrij te hebben. Je kunt dan ook afspraken maken met de overnemende partij dat je nog beloond wordt voor de commerciële successen die je kan behalen.”

Hoe verloopt zo’n eerste gesprek?

“Het eerste gesprek bestaat in principe uit drie gedeelten. Het eerste onderwerp: wat doe je nu, hoe doe je het, waar beleg je in, hoe heb je het geregeld, welke systemen heb je, en hoeveel assets heb je onder beheer? Tweede deel: welke termijn heb je nog voor je? Wie zijn je stakeholders? Zijn er bijvoorbeeld 1 of 2 externe aandeelhouders bij die bijvoorbeeld launching customer waren. Is er een stille vennoot die kapitaal ter beschikking heeft gesteld maar niet actief in het bedrijf is of op een eerder moment cashte dan de ondernemers? Deel drie gaat dan over aandeelhouders, over beleggingsbeleid, over beleggingsovertuigingen en de doelstellingen c.q. uitdagingen voor de toekomst. Wij gaan daar zeer discreet mee om.”

Zal er in de toekomst plaats zijn voor kleinere, gespecialiseerde partijen?

“Er blijft altijd plaats voor gespecialiseerde partijen. Wat je ziet is dat, om relevant te blijven, steeds meer partijen meer service gaan verlenen, zoals meedenken met andere vraagstukken van de klant, planningen verder uitwerken, administratieve en fiscale ondersteuning. Daarnaast is er vanuit de oude verzekeringsmakelaar een soort hybride vorm ontstaan en zijn zij een vermogensbeheerder/productverkoper geworden. Aan de onderkant van de markt is er behoorlijke concurrentie ontstaan. Wij hebben het over vermogensbeheerders met een volle vermogensbeheervergunning, maar er is een groot landschap met een- en tweepitters die onder het nationaal regime werken, dat zijn er honderden.”

De vraag is: welke voordelen haal je uit een samenwerking met andere partijen die anders denken en anders handelen? Daarom geldt: het onderwerp is niet voor iedereen op hetzelfde moment relevant. En wat doet de toezichthouder of overheid? In België werd op een gegeven moment het minimale kernvermogen van een beleggingsonderneming omhoog geschroefd. Dan ontstaat er een serieuze consolidatiegolf. Daarom is de belangrijkste vraag die je jezelf moet stellen: laat je je leiden door de omstandigheden of neem je zelf het voortouw?”